Vérgaand, schokkend optreden van Lou Reed (1973)

628x471

Popconcerten zijn zelden dramatisch. Ze hebben wel met toneel te maken in de gestileerde vorm van acts. En ze hebben vaak iets grotesks, maar daarbij spelen elementen uit het circus en het volkstheater meer een rol. En ze zijn, als het goed is tenminste, ook emotionerend, maar de aard van de overgebrachte emoties moet bijna altijd in de beperkte betekenis van ‘opwindend’ gezien worden.
Wat Lou Reed echter vorige week in het Concertgebouw teweeg bracht ging veel verder dan alles wat ik hier opgesomd heb. Zijn optreden was niet eens meer alleen ontroerend of aangrijpend (dat was het ook), maar in bepaalde opzichten zelfs schokkend. En voor dat schokeffect had Reed deze keer niet zijn muziek en zijn teksten ingezet, maar zichzelf.

Om te proberen dat schokeffect te analyseren moet er eerst ingegaan worden op het totaal van het optreden. Sinds Lou Reed The Velvet Underground verliet, waardoor de groep in feite ophield te bestaan, heeft hij drie solo-albums gemaakt. Het derde, Berlin, staat nu op verschijnen. Op deze platen liet hij zich begeleiden door diverse studiomuzikanten. Hoewel het daar vorig jaar niet naar uitzag, blijkt hij zich nu ook tijdens optredens te laten begeleiden door voor de gelegenheid geformeerde groepen. De groep waarmee hij vorig jaar langdurig optrad, werd in juni van dit jaar ontbonden. Pas enkele weken geleden kwam de formatie tot stand waarmee hij de toernee doet, waarvan het Amsterdamse concert onderdeel was. Deze formatie bestaat uit excellerende muzikale zwaargewichten en daarmee kom ik eigenlijk meteen tot één kern van de zaak. De muzikale opvatting die bleek uit speciaal de uitvoeringen van het Velvet Underground-werk verschilde essentiëel van die waarmee het werk oorspronkelijk gemaakt is. De Velvet Underground bestond niet uit meesterlijke muzikanten; toch werd er meesterlijke en zelfs zeer vernieuwende muziek gemaakt. Lou Reed verzorgde op de eerste Velvet Underground-LP’s zelf het lead-gitaarwerk en het is juist de combinatie van de eindeloze herhaling van dezelfde accoorden en het gebruik van feedback dat de muziek zijn door merg en been gaande karakter geeft. Maureen Tucker is een drumster die uitsluitende geschikt is om eentonig mee te tikken, maar dat afgemeten slagwerk was eveneens een waarmerk van de groep. De Velvet Underground maakte van zijn beperkingen juist zijn handsmerk en zijn kwaliteit.
Het kon dan ook eigenlijk nauwelijks verbazing wekken dat Lou Reed naast de twee excellente gitaristen Wagner en Hunter, die hij nu in de groep heeft, zelf zijn slaggitaar had afgelegd. Iets dat hij vorig jaar, ook met twee gitaristen in de groep, nog niet had gedaan. Maar vorig jaar was zijn begeleidingsgroep dan ook nog een van de straat opgepikt New Yorkse formatie, die hij in langdurige gedisciplineerde repetities naar zijn model had gekneed.
De basis van twee gitaren, basgitaar en drums was nu bovendien uitgebreid met een pianist/organist, wat gezien Reeds veel uitgebreider geïnstrumenteerde solo-albums noodzakelijk was. Bij voorbeeld voor het ondervangen van de strijkers uit de hit Walk On The Wild Side, die natuurlijk gespeeld moest worden.

Vorig jaar was het afgemeten bijtende Velvet Underground-geluid nog volledig aanwezig. Nu lag de instrumentale nadruk eerder op de heavy gitaarduels van Hunter en Wagner; op zich schitterend, maar het is de vraag of deze kundiger, versierender en ‘mooiere’ aanpak dit werk beter tot zijn recht deed komen. Ik betwijfel het eigenlijk. Daar kwam nog bij dat de mix van het geluid, waarschijnlijk om toch nog enigszins bij de oorspronkelijke stijl aan te sluiten, uiterst koel en vlak was gehouden. De hoge en lage tonen waren dichtgedraaid, waardoor de nieuwe aanpak, die het juist van een contrastrijke mix moet hebben, weer niet tot zijn recht kwam. Het muzikale concept hinkte op twee gedachten en dat deed, ondanks de in overvloed aanwezige kwaliteit van de solisten, afbreuk aan het geheel.

Het eerste deel van het optreden (Sweet Jane, de nieuwe nummers How Do You Think It Feels en Caroline Says 1; Waiting For The Man en Satellite Of Love) was dan ook nauwelijks overtuigend, ook al doordat Reeds eentonige, jammerende stem op de een of andere manier de aansluiting met zijn begeleiding miste. Door de nieuwe, deskundiger en ingewikkelder uitvoering hadden al deze nummers aan snelheid en vooral ook aan felheid ingeboet en dit gaf aan het optreden aanvankelijk het bedrieglijke karakter dat het ook relaxter en rustiger was dan het moest zijn. Dat hiervan in werkelijkheid geen sprake was bleek op steeds verontrustender wijze uit het gedrag van Reed zelf. Het is misschien irrelevant, maar toen het na de pauze steeds langer duurde voordat hij opkwam en zijn groep maar doorging met het uitbouwen van de instrumentale introductie, voortdurend kijkend naar de deur bovenaan de trap naar het podium, moest ik steeds denken aan de eerste keer dat de Doors hier optraden en Jim Morrison – hij is inmiddels alweer een paar jaar dood – in de eindeloos durende pauze door een ambulance naar het Wilhelmina Gasthuis vervoerd moest worden wegens het innemen van een overdosis.

Was Reed vorig jaar nog gekleed in een met rijnstenen versierd pak waar hij erg trots op was, nu was hij in zwart leer gestoken, waarvan de broek hem voortdurend (het viel zo buiten zijn act, daarom vermeld ik het) van de billen zakte. Zijn ogen en lippen waren dik zwart opgemaakt en doordat hij zweette wreef hij de mascara steeds weer uit over zijn gezicht. Zijn zang was vlakker dan ooit en zijn van de platen bekende precieze dictie was totaal afwezig. Zijn teksten waren, alsof hij met ademnood te kampen had, in woorden en tussenzinnetjes ingekort, wat ze strakker trok. Hij maakte de indruk volledig in trance te zijn, maar met agressieve uitschieters: snoeren en pluggen van de handmicrofoon werden, alsof er geen gevaar voor elektrocutie bestond, aan een stuk door roekeloos stuk getrokken. De microfoonstandaards werden verbogen en de zware standaardvoeten werden er op de grond afgestampt. Roadmanagers kropen voortdurend in het duister om hem heen om zo goed mogelijk te herstellen wat hij vernielde. Tenslotte moesten ze hem zelfs helpen met het in en uit de standaard halen van de microfoon. Het werd hoe langer hoe duidelijker dat hier nauwelijks meer sprake was van een show.

Nu is een vér-gaande act in de popmuziek vrij gewoon. Alice Cooper laat zich op het podium door een verpleegster in een dwangbuis wegvoeren, hij laat zich elektrocuteren, ophangen en guillotineren. Het schokeffect van Lou Reeds optreden zat, behalve in het feit dat de muziek aanvankelijk bedrieglijk relaxt leek, erin dat zijn show op dezelfde bedrieglijke wijze eerst alleen maar show leek, maar in feite steeds meer echt bleek te zijn.
En dit besef drong pas met volle kracht door tijdens het nummer Heroin, dat hij volgens John Cale al op vijftienjarige leeftijd schreef, en dat hij jarenlang geweigerd heeft om uit te voeren omdat hij het te ver vond gaan. Nu kreeg het, als één na laatste song, zelfs een soort climax-functie toebedeeld. De intense wijze waarop het werd uitgevoerd, de onderstreping ervan door de meesterlijk bediende lichteffecten, het schelle blauwe licht dat er hierbij op de zaal werd geworpen, de nadruk die de traag gezongen tekst plotseling kreeg doordat hij hierbij niet instrumentaal overstemd werd (I…..gonna try / for the kingdom if I can / ‘cause it makes me feel like I’m a man / when I put the spike into my vein…); de versnellingen die telkens in instrumentale climaxen plaats vonden; de daarbij door de stroboscopische lichten veroorzaakte onnatuurlijke vertraging van de bewegingen; en bovenal het niet uitspreken van het verlossende en op de plaat juist langgerekte woord heroïne in de beslissende frase ‘(Heroin)….be the dead of me, (heroïn)…. it’s my wife, it’s my life’ maakten dit nummer tot een bijna ondraaglijk en onontkoombaar dramatisch hoogtepunt.
De toch door merg en been gaande oorspronkelijke uitvoering van dit lied (op de eerste Velvet Underground LP) werd er naïef en bijna speels bij. En de beklemmende emotionele impact die Heroin, en in mindere mate ook het eraan vooraf gaande Walk on the Wild Side (waarbij Reed nauwelijks adem had om het Doo-doo-doo-koortje te zingen) hadden, waren tijdens de erop volgende songs White Light/White Heat en de toegift Vicious, niet meer weg te denken. Ook al was de groep tijdens deze laatste nummers misschien nog het beste op dreef.
Lou Reeds optreden in Amsterdam liet een verwarrender en verpletterender indruk achter dan een popconcert ooit eerder gedaan heeft. Doordat de emotionele en de muzikale aspecten, die toch al ondermijnd waren door een schizoïde aanpak, een volledig eigen leven leidden, waarmee ze elkaar danig in de weg zaten. Of weer anders en eenvoudiger geformuleerd: is er nog sprake van kunst als het eigenlijk echt is?

ELLY DE WAARD

VN Oktober 1973
Foto: Gijsbert Hanekroot

2 Reacties op Vérgaand, schokkend optreden van Lou Reed (1973)

Toon Reacties (2)

Geef een reactie