AAN IEMAND

 

Zo ging het jaren.
Ik kwam thuis en zoekend
tussen de stapels post
vond ik niets van jou.

Ook waar ik was, geen brief
of kaart, terwijl ik jou
wel schreef, met zelfs een vraag
opdat je antwoorden zou.

Ik schudde het van me af
maar ’s nachts komt het nog steeds
terug, je hurkt in dromen
op de achtergrond en houdt

de wacht bij je gemis.
Een luchtbel die in water
steeds ontsnapt aan wat
een onbekende voorraad is.

 

Beeld: Marijke Aveling, Winter is not so bad
Gedicht: Elly de Waard, Van cadmium lekken de bossen

 

Geplaatst in Van Cadmium Lekken de Bossen | 2 Reacties

EERSTE VORST

Alleen nu omgeven nog
door licht roesten de bossen

naast een rijzende zon
die de voor het eerst bevroren

velden, waar ze ze tussen de
takken en hun schaduwen door

aanraken kan, schoon strijkt
van rijp, beduimeling

van gras, als met een vinger
op een ruit van ijs en glas

en die met het overstijgen
van de bossen (spoedig

zullen nevels uit de kronen
oprijzen en verdampen)

steeds lagere weiden bereikt
ze ontdooiend tot

een intens en stralend groen
waaruit de herademing spreekt

het overleefd te hebben.
Het gele blad

van de ahorn is afgevallen
aangetast, alsof de pen

van de maker bij het
tekenen van de nerf

in inkt er op is uitgespat

 

 

Foto: eigen foto
Gedicht: Elly de Waard, Anderling

 

Geplaatst in Algemeen | 2 Reacties

DIVINA COMMEDIA

Soms meet ik mij het oog
aan van de wereld en bezie
wie ik niet ben

Vervolgens naai ik mij
het oor aan van de wereld
waardoor alles wat ik hoor
mij bij de neus neemt

Blijft mijn mond nog over
om te zeggen wat ik vind
en wat ik wil, maar mijn lippen
blijven als verzegeld stil

Tot mijn keel in lachen
uitbarst, niet te stuiten
om het onwaarschijnlijke
verschil

 

Afbeelding: Dante, uitziend over de Louteringsberg
Gedicht: Elly de Waard, De aarde, de aarde

Geplaatst in Algemeen | 1 reactie

EEN HAAST ONNATUURLIJK GROEN

 

Een haast onnatuurlijk groen

in zon oplichtend tussen het ondoordringbaar
schaduwrijk van bomen

met onder wolken onbelicht gehouden
hellingen daaromheen

zoals de late zomerzon in vroege ochtend
al haar schuw licht werpt

in de kale luwe stammen die een veld
omzomen – het donkere

loof erboven blijft zo donker als het was – zo
als een nest, een hut

van warmte, een beschutting
opent zich jou aanwezigheid, zoals die

uit mijn slaap is meegekomen
– als tot een plek

die beurtelings leeg is of gevuld
van licht en hitte stralend of van missen

makend gek

 

Beeld: Bernd Webler, Dark thoughts
Gedicht: Elly de Waard, Het zij

Geplaatst in Algemeen | 3 Reacties

ACHTER DE DUINEN SMEULT EEN DUISTER VUUR

Achter de duinen smeult een duister vuur
dat plotseling een net van druppels aan de struiken doorlicht.
Haveloze ruigte, slordige kracht van bloei.

Op de tuintafel liggen dorre bladeren
achteloos als beduimelde speelkaarten
overgebleven uit een ander seizoen.

Het huis draagt een vermolmde goot waaronder stenen
als een vijver opgeklaarde lucht na regen
spiegelend raamglas houden ingelijst.

Onder dit oppervlak straalt leven,
warm geel licht, groen van planten, rood van boeken –
in onherbergzaamheid gebleven intimiteit.

 

Foto: eigen foto
Gedicht: Elly de Waard, Afstand

Geplaatst in Algemeen | 3 Reacties