‘KICKS VOOR NIKS’

 

“Ik ben nu tachtig en woon volgend jaar bijna een halve eeuw in deze bossen. 

Het bos begon me pas op te vallen nadat ik me het huis had eigen gemaakt. Toen merkte ik dat ik in huis eigenlijk nergens zon had. Ik begon daarom met het snoeien van de takken die voor mijn neus hingen. En ik heb kreupelhout weggehaald dat de bomen verstikte. Zo heb ik gazons gecreëerd en ontstond een perspectief, waarin de bomen veel beter uitkomen. Het heeft een enorm plezier je eigen landschap te creëren, dat is wat er eigenlijk gebeurt. Werken aan het bos doe ik nu tientallen jaren. In de zomer werk ik soms zeven uur per dag buiten. Het schrijven gaat tussendoor. 

Het werk verschilt per seizoen, meestal van september tot eind januari ben ik aan het harken. Dat harken is noodzakelijk anders kan ik er in het voorjaar met de maaier niet overheen. Er moeten ook veel bomen worden omgezaagd. Meestal jonge bomen, die oudere bomen hinderen. Ik heb een voorkeur voor oude bomen. 

Vlak bij mijn huis staat een prachtige Beuken-familie, die komen bij elkaar uit de grond. Dat is een bomen partij die zonder enige twijfel tot de oudste bomen behoren die hier in de omgeving staan. In 1890 is dit huis gebouwd als jacht verblijf, alles hier omheen was nog duinzand, die beuken zijn hier in een eeuw opgegroeid. 

Ik hou erg van de juiste gereedschappen. Een buxus schaar, want ik heb een laan van buxussen geplant. Een hand tang voor snoeien, een takken tang, diverse harken. Een bosmaaier, en een strimmer voor gras randen. Handzagen, telescoopzagen -die kan je helemaal uitrekken-, een electrische zaag uiteraard en een gazon maaier. Nu ik 81 ben geworden en van het werken in de tuin versleten knieën heb weten over te houden gebruik ik de John Deere als een alternatieve invalide wagen. De tuin is 4.5 hectare dus anders moet ik enorme einden lopen. Dat doe ik nu op de wagen en daarachter de kar, beladen met gereedschappen. Overal op het terrein staan stoelen, want om de zoveel tijd moet ik uitrusten uiteraard. 

Voor zwaar werk huur ik wel eens een tuinman in. Er is ook een bevriend gezin met twee zonen in de middelbare schoolleeftijd die geweldige houthakkers zijn. Want het omzagen van een grote boom is een gezamenlijk werk, zo iets groots is dat. 

Als bomen omgaan -meestal eiken die al op omvallen staan of abelen die enorm woekeren-, zit je met een enórme takken last. Van die takken maak ik hagen in de tuin, die dwarsverbanden maken op de grond, en daarin nestelen vogels. Het blad leg ik achter die hagen zodat daar plaatsen ontstaan waar groei kan plaatsvinden. Ik ben er altijd mee bezig.

Doordat ik het bos open heb gemaakt is er een betere balans gekomen tussen de dieren op de grond en de vogels. Er komen elk jaar twee buizerds, die zorgen dat er geen konijnen plaag kan ontstaan, ik vermoed doordat ze jonge konijnen opeten. 

We hebben een aantal vossen gehad. Helaas is de laatste vos waarmee we heel erg bevriend waren overleden, wat ons zeer treurig maakte. Ze was een moeder-vos van twee kleintjes, die ze ook aan ons is komen voorstellen. Ik heb een gedicht aan haar gewijd. Haar jongen zijn weer anders van karakter, en komen niet bij ons. Toen ik begon hier renden de fazanten door de tuin. Die fazanten waren ooit voor de jagers uitgezet, ik woon in een oud jachthuis. Door de vossen zijn die er niet veel meer. Er is soms een haas. 

Boomstammen maak ik schoon zodat het een soort pilaren zijn, die het loof van het bos dragen. Ik heb dit allemaal zo gemaakt, dat als ik wakker word ‘s morgens en ik kijk uit het raam dan kijk ik wel 150 meter ver, zo heb ik die laan aangelegd.

Door het licht in het bos is er meer balans op de grond gekomen. Nu is er weer zon. Toen ik begon kwam de zon nergens meer doorheen en was het donker. Ik heb dit mezelf geleerd, door rondkijken en nadenken. Het jonge grut moet om, om grote bomen ruimte en perspectief te geven.”

Dit bericht is geplaatst in Algemeen. Bookmark de permalink.

4 Reacties op ‘KICKS VOOR NIKS’

Toon Reacties (4)

Geef een antwoord