De wind dartelde af en aan
Als een jonge kerel op een
Tennisbaan. De linden om het
Huis staan scheef. Genegen in hun
Eerste groen wiegen ze verlegen
Als jonge meisjes om het
Veranderen dat ze doen. De
Heuvel gloeit van trots onder
De bloemen die hij torst: de
Hazewindekop van de narcis
In knop. En in de dalen
Achter zee echoot het van
De nachtegalen. Het klepperen
Van denneappels die onder
Het langsgaan van de felle voor-
Jaarszon openknappen, het klinkt
als lekken van water, overal
vandaan, een nooit gehoord geluid,
Zelfs op de grond springt het
Hun harde, houten kelen uit.

4 Responses to DE WIND DARTELDE AF EN AAN
Toon Reacties (4) Verberg Reacties (4)