CAMPERT, BRUSSEL EN EEN HEERLIJKE MIDDAG

IMG_0810
Gisteren was ik aanwezig bij de uitreiking van de Grote Prijs der Nederlandse Letteren aan Remco Campert. Deze vond plaats in het Koninklijk Paleis te Brussel.
Ik had mijn navigatie opdracht gegeven om uit te zoeken hoe ik daar per auto vanuit Egmond kon komen, hoe ver dat was en vooral hoe lang dat zou duren. Veel te lang, dat was al spoedig duidelijk en met name in Brussel ook veel te ingewikkeld, maar gelukkig mochten wij met de auteursbus van de Bezige Bij meerijden en dat was meteen ook een stuk gezelliger.
De locatie van het Belgische Koninklijke Paleis werkte erg op mijn verbeelding: Brussel! Daar hebben we het strenge calvinisme van de Nederlandse paleiscultuur achter ons gelaten, daar zijn we al halverwege Versailles!

Wat de middag zo mooi maakte was de lichtheid ervan. Eerst moesten wij, na binnenkomst en screening, een reeks van spiegelzalen door wandelen, waarin geen enkel meubel te bekennen was, noch enig tapijt. Slechts hoge ramen, afgewisseld met geweldige spiegels en inderdaad ook spiegelgladde vloeren. Hier en daar een enkele lakei in rode kniebroek en met witte kousen die als richtingaanwijzer dienst deed. Aan de plafonds enorme kroonluchters, waarin per luchter tussen de stortbui aan glazen druppels zo’n tachtig à honderd lampjes opgloeiden. Zaal na zaal deed zich aldus aan ons voor tot wij in een zaal met een paar honderd stoeltjes arriveerden. Er werd strak op toegezien dat wij persoon voor persoon en van voren af aansluitend de stoeltjes in bezit namen.

Dan het programma, dat ingeleid en aan elkaar gesproken werd door de lichtheid zelf, Kees van Kooten, en dat werd afgewisseld met mooie vloeiende muziek en zang. Zelfs de toespraak van de koning der Belgen was licht en tegelijk behartenswaardig. Hij brak een lans voor de waarde van het geheel van onze taal, van het Noord-Groningse dialect tot en met het zuidelijkste streekvlaams, daarmee zijn epitheton ‘doorluchtig’ in dubbele zin waar makend.
“Ja, maar dat heeft hij natuurlijk niet zelf geschreven”, wierp mijn echtgenote mijn waardering tegen. Maar al was dat zo, wat zou dat? Hij bracht de boodschap luid en krachtig en hij geloofde er in. En daar gaat het maar om.
De hele middag deed recht aan de lichtheid, de humor en de variëteit van het werk van Remco Campert, de gelauwerde zelf. Mooi was het ook dat zijn verzen in een sneeuwvlucht van letters over de muur achter het spreekgestoelte naar beneden dwarrelden, soms samenklonterend tot woorden en zinnen of stukken gedicht en altijd in lichtval en in beweging.

Na afloop van dit programma werd onze tocht van spiegelzaal tot spiegelzaal weer voortgezet tot wij in de uiteindelijke spiegelzaal belandden, die wel gemeubileerd was, waar bloemen op tafel stonden en waar aan het plafond zowaar, als een soort vloek, een gemeen groene polyester allusie op de kroonluchters hing met daarboven een lap even groen kunstgras. Jawel! Een kunstwerk van Jan Fabre! De koning stond hier later onder te praten met enkele letterkundig ogende onderdanen. De koningin stoof op een bepaald moment vlak langs mij heen en ook Kees (van Kooten) was even haastig langsgekomen, roepend: “Ik moet naar de koningin! Ze heeft om me gevraagd!” Zo ongedwongen kon het daar ook toegaan.

Het was kortom een verrukkelijke en Remco waardige middag, met ruim aangeboden champagne, maar niet in overdaad, hapjes die uiterst verfijnd waren en zeer klein maar schaars (hier spreekt de Hollander); en waarin je als toppunt van genoegen met het glas in de hand door de menigte kon dansen, van persoon naar persoon, mensen ontmoetend of
aansprekend en in weerzien van oude vrienden. Voor mij onder meer Monica van Paemel en Alida Neslo.
En er kwam helemaal geen muziek te pas aan deze receptie. Hier sprak alleen het Woord.

 

IMG_0848

Dit bericht is geplaatst in Algemeen. Bookmark de permalink.

4 Responses to CAMPERT, BRUSSEL EN EEN HEERLIJKE MIDDAG

Toon Reacties (4)

Geef een reactie

 

  1. Pingback: Letterenprijs voor Campert | Het Grote Remco Campert Archief

  2. Pingback: DE GROTE PRIJS DER LETTEREEN | Elly de Waard