DE KLOKKENLUIDER

Deze week verschijnt het boek ‘De Klokkenluider, het leven van Ad en Joke Bos’, geschreven door Rosa Koelemeijer. Ad en Joke hebben met hun camper bijna een jaar op mijn terrein gestaan. Ad zocht ter inleiding van zijn boek een gedicht van mij uit. Ik zet het ter ere van de publicatie hieronder.

En als jij eb bent, ben ik vloed,
nooit valt ons tijdstip samen –
de wind jaagt beider golven op
gedoemd te reiken naar hun top
in achtervolging van extase.

Aan deze wedstrijd komt geen eind
want na het nachtelijk geweld
dat ons in evenwicht herstelt
blinkt slechts de klaarte van je dagen.

O tergend is je zuigend tij,
je stoet trekt onder mij voorbij –
altijd vertrokken als ik kom
moet ik mij in je voetspoor werpen.

Opzettend storm ik je nabij,
de kans van springvloed, keert het tij?
O hijgend, zingend vechten wij,
die strijdig onafscheidelijk zijn.

1981, Furie
2008, De zon is vrouwelijk

Geplaatst in Algemeen, Furie | 2 reacties

VERMINKTE BOOM, maar toch…

Telkens staat een boom
met één been in de grond

kapotte enkel, stompe voet in skischoen
scheenbeen is verwond

maar toch: Hermes!
Boodschapper van de goden

zet zich af van deze heuvel
vleugels bewegen driftig

aan zijn hiel en in zijn kroon

2005, Proeven van moord
Schilderij: Dorian Hiethaar, Acacia’s

Geplaatst in Algemeen | 1 reactie

BEWOLKTE DAG

De wolken maken het landschap voller,
zij rusten zwaar.
Ik hoor het graven van de mollen,
fluwelen bies van mos zoomt stenen aan elkaar.

Nu kost het mij zo’n moeite mij op te richten
van de grond waarop ik lag
als een schaduw die zich los moet maken
op een bewolkte dag.

1978, Afstand

object: Bewolkte dag, Marise Knegtmans staal, zink
foto: Bert Bulder

Geplaatst in Afstand | Een reactie plaatsen

CRASH TRIPOLI 2010

Vandaag is het een jaar geleden dat de vliegtuigramp bij Tripoli plaatsvond. Ik schreef naar aanleiding daarvan een gedicht dat ik in het begin van mijn blogactiviteiten al eens plaatste. Maar gedichten zijn er om telkens weer over te lezen. Vaak lees je er dan iets in dat je nog niet eerder zag.

Het ene ongeluk na het
andere trof ons land
(voor zover we in deze dagen
nog van een eigen land
kunnen spreken, nu de dwang
van het publieke menen
zich in ons hoofd heeft
verschanst; onze uiterlijke
vrijheden zijn groter
dan ooit, maar het denken
is verplicht geraakt en
gaat dus ondergronds).
Rond de herdenking van
de ene ramp, vinden er
drie nieuwe plaats en weer
krimpt ons leven ineen
tot medeleven.

Eenzaam is de overlevende,
wakker geworden uit een
tweede geboorte, ontdaan
van de schoot van zijn
ouders, broertjes en zussen,
de omgekeerde ontpopping,
wij waren vlinders, we
ontwaken in een verpakking
van zuurstofbuizen en
windsels, vitale organen
nog goed, in de naaktheid
van een worm.

Onafhankelijk van op welk
tijdsvenster van lichteeuw of
nanoseconde een bestaan
zich afspeelt, het streeft
zonder uitzondering naar
groeien en uitbreiding, naar
stijgen en uit elkaar vallen
als het vliegtuig, waarvan
de vermorzelde brokstukken
de al of niet herkenbare
resten van personen en
hun bezittingen markeren.

Massale droefheid verbroedert,
dat is het enige goede eraan.

2010 (ongepubliceerd)

Geplaatst in Ongepubliceerd | Een reactie plaatsen

DE DUINBRANDEN

Toen ik die foto zag dacht ik eerst
dat het de Noordzee was.
Haar zwartste golven
met de brandweer in de slag
die naar haar water had gedolven.
Maar het was zwartgeblakerd land
opzettelijk aangestoken.

Op heterdaad betrapt, frappant
hoe letterlijk juist gezegd dit, want
hoe minder heet, hoe minder kans.
Voor het gerecht ermee! – De brand-
stapel was hier de beste straf, maar
ik betwijfel, helaas, of dat mag.

ongepubliceerd

Geplaatst in Ongepubliceerd | 1 reactie