DE JONGEN DIE VIEL

 

17 juli 2019, bij de herdenking van de ramp met de MH17, die vijf jaar geleden plaats vond

 

Wie was ik voor ik viel? Mijn voet
verloor, mijn hart, mijn oor
wie was ik dan hiervoor?

Was ik al dood? Hoe het ook zij
niets is zo anders dan het mij
dat instapte en vloog

Wat ik ooit was verschilt
zozeer van wat van mij
de grond zocht weer

Mijn hand gelegd op wie
ik nooit zag toen ik mijn
eerdere zelf nog was

Zijn eenzaam been staat rechtop
in het koren, vertel dit toch
aan wie het wil horen

Vertel het aan wie het moet weten
mijn mond staat te wijd open
om te kunnen spreken

als mijn ogen die verstarden
in wat zij zagen – wie was ik
voor ik viel? Ben ik al dood?

 

Gedicht: Elly de Waard, uit: In die Tijd die
Tekening: Nils Holgerson

Geplaatst in In die tijd die | 1 reactie

LUXOR


Zo mooi en transparant als het landschap
is, verheven zelfs, luchtspiegeling
die losjes wortel schoot in aarde –
Fata morgana deze oase, aquarel

van farao’s, aan werkelijkheid
verliezend met het verdampen van de Nijl,
het aanwassen van de Sahara –
Een flauwe walm van licht hangt over

de stad bij nacht, gesluierd schijnsel dat
uit tenten afkomstig lijkt – elektriciteit
aan olielampen gelijk.
Een zeldzame regen moddert aan op deze

dag in de aarden stegen waar het
stinkt naar kamelen, maar het glanzen
van het alom tegenwoordig gele
geheimzinnige zand aanwezig blijft.

Ik zou graag slapen in dit bedekte
lichte, mijn bed de rug van staande,
museale leeuwen; hun staart waaiert
mijn benen koelte toe, hun kop vervult

mijn hoofd met eeuwen. En wiegend op een
geur van wierook bij het nooit ververste
zwembad baltsende kalkoen, zijn kreet
doorrijgt mijn dromen en verbindt

het hier met toen: het vroege schreeuwen
van pauwen in de koele verten van
een hertenkamp, de sierlijke, kapotte
palmen, die bestoven zijn met zand.

 

Dit gedicht uit mijn bundel Van Cadmium Lekken de Bossen, is opgedragen aan Kees Verheul, door en met wie ik dit voor mij zo exotisch vreemde Egypte leerde kennen. In Bergen N.H. waar ik ben geboren, woonde ik als kind en opgroeiend mens vlak bij het Hertenkamp.

Geplaatst in Algemeen, Van Cadmium Lekken de Bossen | 3 Reacties

HET KLIMAAT EN DE MENSELIJKE MAAT

DE ZEE BINNENSTE BUITEN (vervolg)
GEDICHT 1

Vanuit de stille, donkere diepzee scharrelt
traag gedierte opgeschrikt naar boven 

nu de bodem aan de randen door sleepzuigers
wordt gekeerd om duinen op te hogen, waarop 

loonslaven, van ver gehaald, uit Polen en niet
onbetaald, in het ritme van hun arbeid 

kilometers helmgras poten. Gorgelend stroomt
de zeebodem, door scheepsmotoren 

uitgebraakt, een helling af, omzwermd door
horden krijsende meeuwen. De uitgestrekte

natte vlakte die onstaat is een gebied dat
slechts gekenmerkt  wordt  door een relief 

van diepe sporen. Soms zet de nacht dit alles
even stil en spreidt de hemelkoepel zich

kalmerend uit over het wroetend mensdom
en de geschrokken zeebewoners.

******

GEDICHT 4

Nu het besef dan is gerezen, dat kust
en achterland opnieuw de Noordzee

moeten vrezen, wordt naar vermogen
mankracht en machine ingezet, om

duin en dijk met zeezand, ook
voor toekomstige generaties, op te hogen.

Bedenk echter wel, kustbewoner, jij –
natuur is vele, vele malen groter

dan wij – ook zee is willekeurig,
ongetemd en sterk en alle moeite

die wij doen om haar in het gareel
te krijgen blijft maar mensenwerk.

 

Foto van Michel Duijves: Elly de Waard en Geetrui van Herwijnen tijdens de uitvoering van The Sea Inside Out
De Grote Golf
van Kanagawa

Geplaatst in Algemeen | 3 Reacties

DE ZEE BINNENSTE BUITEN

Ik nam de afgelopen week deel aan het project The Sea Inside Out, het prachtige fotoverslag dat Geertrui van Herwijnen maakte van de jarenlange ophoging en landschapsverandering van de duinen en de zeewering tussen Camperduin en Petten. Ze vroeg mij enkele gedichten aan deze werkzaamheden te wijden die ik tijdens de projectie voorlas; de beelden werden bovendien begeleid door de muziek en de improvisaties van drie musici, resp. Bas Buissink (synthesizers), Michel Duyves (klarinet), en Jorien van Tuinen (altviool).

GEDICHT 2

Waar eerst basalt het hoofd bood
aan de Noordzee, ligt nu zand

dat uit de zeebodem is opgegraven.
Die eertijd Prins der Dichters was

zou zich op heden in zijn graf
om willen draaien, nog vervuld

van heimwee naar die enige aardse
stem, die hem bij leven kon

verlossen: dat grootse aangaan
van de zee bij de Hondsbossche

GEDICHT 3

Ik laat de Prins der Dichters nogmaals
aan het woord en hij klonk toen al –
driekwart eeuw geleden – als Al Gore:

‘Nu het steil ijsrijk bui na bui ontdooid
is en gesloopt en de Noordzee, als in
horden, de Hondsbossche bestookt – ‘

De dichter kan profetisch zijn
maar zijn voorspelling wordt
slechts zelden dadelijk gehoord.

 

De ‘Prins der Dichters’ was Adriaan Roland Holst
De foto:s zijn van Geertrui van Herwijnen
De gedichten zijn onderdeel van de reeks van vier die ik voor dit project schreef.

Geplaatst in Algemeen | 2 Reacties

REHABILITATIE VERZEKERD

Voor elke hedendaagse politicus,
die de gratuite excuses als
fluimen de mond uit schieten…

 

REHABILITATIE VERZEKERD

Je eer dragen ze na tot in de grond. –
Als nog behoedzaam taal zijn zinnen zoekt
en wikt, beleefd een stap terzijde doet,
heb je hun spijt als prop al in je mond.

Chr,J. van Geel

 

Tekening: Ruben L. Oppenheimer
Gedicht Chr.J.van Geel, Het Zinrijk
Motto: Elly de Waard

Geplaatst in Algemeen | Een reactie plaatsen