EMILY DICKINSON, Gedicht 632

De Geest – is – wijder dan de Lucht –
Want – zet ze zij aan zij –
En de een zal  de ander met gemak
Bevatten – en Jou – erbij –

De Geest is dieper dan de zee –
Want – houd ze – Blauw tegen Blauw –
En de een neemt de ander in zich op –
Als Sponzen – Emmers – doen –

De Geest is precies het gewicht van God –
Want – Weeg ze – Pond voor Pond uit –
En ze zullen verschillen – áls ze al –
Als Lettergreep van Geluid –

 

Gedicht: Emily Dickinson, rond 1862
Vertaling: Elly de Waard, Westers, 1980
Beeld: Angelica Obino

Geplaatst in Algemeen | 4 Reacties

DE INKEER

 

Perron van aangestampt  los
gruis en rode aarde

een appelboom staat midden
in een verder kale

gaarde, station
der wateren, Des Eaux;

de laatste trein is met
de zon verdwenen en

in de schemering van
dit stille leven hangt

nog hun dovend licht, het
zich inkerend vuur;

terwijl verlaten
op landwegen, een enkel huis

een schuur, waarin er een
is nagebleven, die

zit en in dit einde
tuurt

 

Gedicht: Elly deWaard, Eenzang Twee
Schilderij: Isaac Levitan, The Evening after Rain, 1879

 

Geplaatst in Algemeen | 1 reactie

DE SCHERMUTSELING

De abeel heeft zich een
maliënkolder van klimop
aangegord. Van onder zijn
krijgshelm van gebladerte
omhoog kijkend, zwaait hij
met wapentuig van dode takken
zo groot als knotsen –

De zonnewagen die met
vlammende uitlaat langs de
snelweg van de hemel raast
laat plotseling felle remsporen na
alsof hij tegen de wolken
opbotste –

Gedicht: Elly de Waard, In die tijd die
Eigen Foto
Beeld hieronder: Helios in zijn zonnewagen

Geplaatst in Algemeen, In die tijd die | 1 reactie

DE STORM CIARA

De wind – klopt aan als een moe Man –
Als van een gastvrouw – ‘Kom erin’
Is mijn stoutmoedig antwoord – treedt
Mijn Woning binnen dan

Een snelle – voetenloze Gast
Aan wie het aanbieden van
Een stoel even onmogelijk was
Als van een sofa aan de Lucht –

Geen botten hij, voor stevigheid –
Zijn taal is als de Energie
Van honderd kolibries tegelijk
Gonzend vanuit een hoge struik –

Zijn gezicht is als een Zeegolf –
Zijn vingers laten – als hij langs mij gaat
Muziek los die op klanken
Uit trillend glas geblazen lijkt –

Zo kwam hij op bezoek – nog vlagend –
Dan, als een schuchter mens
klopt hij opnieuw – het was vluchtig en:
Alleen ben ik weer, op mezelf –

 

Gedicht: Emily Dickinson, 1862
Vertaling: Elly de Waard

Geplaatst in Algemeen | 4 Reacties

IN DE KALE MAAND JANUARI

 

 

De wolken maken het landschap voller,
zij rusten zwaar.
Ik hoor het graven van de mollen,
fluwelen bies van mos zoomt stenen aan elkaar.

Nu kostte het mij zo’n moeite mij op te richten
van de grond waarop ik lag,
als een schaduw die zich los moet maken
op een bewolkte dag.

 

Gedicht: uit Afstand
Beeld: eigen foto

Geplaatst in Afstand, Algemeen | 5 Reacties