ALLEEN DIE DINGEN

 

Alleen die dingen willen zijn bewaard
die van geen lagen wrevel hoeven te bevrijd

om tot de staat te komen dat er niets omheen
staat, het gevoel ervan onmiddellijk kan stromen

en je raakt; alleen dit onvoorwaardelijk,
onvoorbereid en puur ervaren

dat geen enkele naam verdraagt is het waard
om als herinnering te bewaren

 

 

 

Elly de Waard, 2019 ongepubliceerd
Foto: Angelica Obino (fragment)

Geplaatst in Algemeen | 4 Reacties

TOEN IK JONG WAS

 

Toen ik jong was werd ik gekweld
door het idee dat ik een reus was die
op lemen voeten liep en ik was bang
dat het formaat dat ik in mij voelde

door een slecht klimaat of teveel tegen-
slag de kans niet krijgen zou zich waar
te maken. Dan strompelde ik door het duin
naar het verlaten strand en wierp mij

op de knieen in de nu eens kalme
dan weer ruwe branding van de enige
grootheid die voor mij bestond: de Noordzee

en ik smeekte haar om de kracht om uit
te kunnen groeien tot wie ik was, een
die haar voorkeur volgend het verste komt.

 

Gedicht: Elly de Waard, Het Heterogeen
Beeld: Eigen foto

Geplaatst in Algemeen | 2 Reacties

PERSOONLIJKE EIGENAARDIGHEDEN

Als ik bezoek heb of een feest
ga ik graag ook altijd even
het donkere buiten in om van
een afstand te beleven hoe 

het is; ik voel mij een passant
die wordt getroffen door het warm
en stralend licht en stil blijft staan
en die ervan geniet als van een

oude Italiaanse film of die er
een herinnering in ziet aan iets
dat vroeger prachtig is geweest –
Vol van die indruk keer ik terug

in huis, waar ik nog niet gemist
was, om daar nu volledig mee
te doen en op te gaan in het
om mij feestelijk gedruis.

 

Gedicht, 2019, ongepubliceerd
Beeld: Eigen foto

Geplaatst in Algemeen | 4 Reacties

DE WIND EN IK

Ik wilde het ongerepte
Wilder, maar dichterbij vooral
En trachtte de wind te winnen
Voor mijn plannen, hem voor ze in
Te spannen, hij die met leven
Is behept – het in zijn wangen
Draagt en blaast en blaast; die altijd
Zwanger gaat en baart en op de
Spierbal van zijn paradox alles
En allen laat bewegen. Ik

Bokste tegen hem op, hem die
De tijd die ik tot stilstand wilde
Brengen opschort en elk moment
Dat ik verlengen wil verkort.
Ik koos hem tot mijn opdracht, tot
Mijn evenknie, die mij soms
Uitgebannen hield, dan weer op
Handen droeg, het was hem alles
Om het even. – Zo lang, zo lang
Geleden, o nog niet lang genoeg.

 

Gedicht: Elly de Waard, Een Wildernis van verbindingen
Beeld: Iris Le Rütte, Daphne in de Wind
Foto: Arnhemsmeiske

Geplaatst in Een Wildernis van Verbindingen | 10 Reacties

HOOFSE BRIEF AAN EEN DAME

MEVROUW,

Ik weet dat u naar mij keek; ik heb u naar mij zien kijken.
!k hoef u er niet aan te herinneren dat dit tijdens de gezongen hoogmis van afgelopen zondag was.
U zat naast uw man op de derde bank van voren en ik heb u meerdere malen naar mij om zien kijken. Misschien vroeg u zich af wie ik was, misschien kende u mijn gezicht van een foto of anderszins, misschien had men u mij beschreven.
Na de mis heb ik mij achter u aan gehaast en hoewel u snel in de gereedstaande auto was verdwenen, heb ik toch voldoende gelegenheid gehad om uw schoonheid te onderkennen.
Voor zover uw blikken dan al niet genoeg waren geweest, want die troffen mij zoals Petrarca misschien door die van Laura getroffen was. En sindsdien staat uw beeld mij voor ogen en lig ik te woelen in mijn bed.
Ik kan u zeggen dat uw schoonheid en langbenigheid bij mijn weten haar weerga niet kennen in West-Europa en dan bedoel ik inclusief Frankrijk en Italie.
Ook bent u gekleed naar mijn smaak, dat wil zeggen elegant, maar toch niet overdreven. ‘Understated’ zouden de Egelsen zeggen, maar het Engels is een zoveel minder mooie taal dan het Nederlands.
Een ongeoefend oog zou licht voorbij kunnen zien aan de zorg en de verfijning die er in uw kleding gestoken zijn; de wijze waarop zij op uw vormen is toegesneden; de smaakvolle kleurencombinaties; uw kousen; uw hakken. En dan: de wijze waarop u er in loopt!
Enfin, u weet dit alles zelf en het gaat dus niet aan u dit nog weer eens mede te delen, behalve dat eruit blijken mag dat ik het heb gezien.

Het kan nu zijn dat u zich afvraagt: waar haalt die blaag de moed vandaan? – maar ik ben een dichter, mevrouw, en schoonheid, de schoonheid van vrouwen in het bijzonder, is mijn vak.
Intussen wil ik er rond voor uitkomen dat ik u ook begeer. Ik zou niets liever doen dan mij dadelijk met u in de biechtstoel terugtrekken om de praktijk van het zondigen en de zonden van het vlees eens diepgaand met u door te nemen.
Maar ik zal het ook zeer waarderen – wat zeg ik? heel spannend vinden! – als u zich eerst enige tijd zedig en weigerachtig opstelt, zoals het een echte vrouw betaamt. U hebt daarbij een goed excuus. Van mannen bent u het immers gewend dat zij naar uw aandacht dingen, maar van vrouwen niet. U zult mij voorhouden dat u getrouwd bent, dat u zo niet bent, maar dit alles zal mij alleen maar des te meer prikkelen omdat ik onder uw steeds herhaalde weigering voel dat het idee om met een andere vrouw de liefde te delen u geleidelijk aan gaat beheersen. Totdat u op een dag zult merken dat uw nieuwsgierigheid – die moeder van alle ontdekkingen – is veranderd in verlangen.
Ik beloof u dat de tedere stormwind die in mij huist dan over u ontketend zal worden en dat u geen spijt zult hebben van uw avontuurlijkheid.

Maar laat ik niet te zeer op de zaken vooruit lopen. Ook al wil ik graag alle geheimen die uw schoonheid verborgen houdt onderzoeken en kennen, ik wil eerst uw stem horen, uw ogen van nabij zien, uw gebaren ondergaan.
Ik moet u iets bekennen. Ongeduld is mijn slechtste eigenschap, maar haar keerzijde, de onstuimigheid, beschouw ik helaas als een deugd. En omdat ik er maar niet toe kan komen deze deugd, en dus ook deze ondeugd, in mijzelf te verwerpen – omdat ik zelfs van ze houd – berokkenen ze mij vaak veel schade omdat ik ze, door hun aard, natuurlijk slecht beteugelen kan.
Hebt u dus, lieve mevrouw, geduld met mij. Laat u niet door mijn driestheid uit het veld slaan. Ik kan u verzekeren dat als u zich door mij laat veroveren, u mij al snel aan uw voeten zult vinden!
Stel integendeel tegenover mijn onbesuisdheid uw heimelijkheid. Schrik niet terug voor mijn hartstocht. Help mij juist die in te tomen.

Maar wil mij nu wel onverwijld laten weten of het u schikt om aanstaande donderdag bij mij de thee te komen gebruiken, ter eerste nadere kennismaking.

Ten luchtigste uw dichter

 

Geplaatst in Algemeen | 9 Reacties