IN MEMORIAM PEERKE (20/10/2007 – 14/05/2019)

De steden op aarde spreiden
in de nachten een tapijt van licht

maar mijn ogen zijn op het
sneeuwen in mijn glazen bol gericht –

Door lang vergeten namen
en de blinde vlekken van gezichten

ben ik omringd, tot ik tijdens dit
zoekend schrijden door het dodenrijk

mijn nooit vergeten honden
aan mijn zijden vind –

De steden op aarde spreiden
in de nachten een tapijt van licht

waarop mijn beide honden kunnen
rusten van hun hervonden plicht

mij te begeleiden

 

Geplaatst in Algemeen | 6 Reacties

PENTHOUSE LOVESONG

Voor Cara

In de vroege, nog nachtelijke
ochtend ligt de stad aan haar voeten.
Zijn lichtjuwelen als een gift
rondom haar uitgestald tot aan

de horizon. Haar met parels
en lichten bespikkelde borsten zijn
hemelkoepels, hemelzwoegers,
op het ritme van hartslag en

ademhaling reikend naar het
hoogste punt, de overgang
van stad naar lichaam naar licht en
wolken, in concentrische cirkels

en golven uitgezet. Ik die
haar samenhang heb uitgedaagd, ben
aangegaan, draag haar op handen, heb
haar als een handschoen aan.

 

Elly de Waard, uit: Van cadmium lekken de bossen

Geplaatst in Een Wildernis van Verbindingen | 1 reactie

DODENHERDENKING

 

De witte rozen in de kransen
waarmee de doden op de Dam
worden herdacht, krijgen de tijd
ons toe te spreken in de twee
minuten stilte die het land
voor ze in acht neemt

In de coulissen van hun stijf
opeen gevouwen, ongerepte
bloemblad opent zich het labyrint
van wat een bloeiend leven is
met terugwerkende kracht
tot aan de knop: om ons te doen
beseffen dat het daar brak –

 

Gedicht: Elly de Waard, uit Het Heterogeen, 2019

Geplaatst in Algemeen | 3 Reacties

EEN BLAUWE, GLANZENDE KERN

Een blauwe, glanzende
kern, geconcentreerd azuur,
vanwaaruit was het dat ik
leefde. Hoe geruisloos dreven
de wolken door haar heen, hoe
laag hingen haar luchten en
hoe somber kon zij bedolven
raken, dan weer met vlokken
zonnestof bestoven. Bol
waarin de toekomst ligt

verborgen. Nu spiegelen zich
vluchten pelikanen in haar
af, op weg naar verre
plekken om er te paren. Soms
zal er daar dan een zijn die
uit zijn tooi een veer neemt,
zijn hagelwitte vleugel tot
papier verheft en schrijft,
als ik misschien, aan zijn
vergeetboek, en alleen blijft.

 

Elly de Waard, Een Wildernis van Verbindingen

Geplaatst in Een Wildernis van Verbindingen | Een reactie plaatsen

IN DIT TIJDPERK VAN OVERGANG & CHAOS

Boven het Doornvlak
hangt een lage nevel
Het is het zand, dat
daar wordt opgedreven
door de westenwind
De laatste storm
smeet het tegen de ramen
Op het plaveisel
rond mijn hut drommen
nu bladeren samen
droog en gebogen
ratelend in groepen
om zich op drift te laten
roepen door de wind – Aan
groeien ze tot horden
van hun herkomst
ongewordenen, tijdperk
van overgang, toekomst
is ongewis, behalve
dat die elders
of anders is

Waar moet ik staan?
Welk standpunt
in te nemen in deze
chaos? Moet ik mij
klein maken of groot?
Ver zien of juist
de microscoop? Mij
buiten stellen of er in?
Verwildering is mijn lot
als ik geen stap zet
willekeurig welke
en mij daartoe dan
kan beperken
Willekeur dwingend
weet te maken, mij
af kan splitsen van
het vele, het weinige
kan nemen voor
het hele. Met blindheid
mij kan slaan om toch
te zien – alleen dat dat
de opdracht is weet ik
Het uitvoeren ervan
blijft, als de toekomst
ongewis –
Ik laat de stroom toe
en deins dan terug –

 

Beeld: Anselm Kiefer
Gedicht: Elly de Waard

Geplaatst in In het Halogeen | 2 Reacties